Debat: Onderwijs en de Markt
Woensdag 5 maart organiseert Basta! een debat over de commercialisering van de wetenschap.
De vrije markt krijgt een steeds belangrijkere plaats in het Nederlandse onderwijs. Niet alleen hangen de universiteiten vol met reclameposters, ook op het onderwijs krijgt het bedrijfsleven steeds meer invloed.
Vooral in de beta-hoek geeft het bedrijfsleven een hoop geld. Aan de ene kant is er daardoor meer geld voor onderzoek, aan de andere kant kun je je afvragen of de wetenschappelijke onafhankelijkheid niet in het geding komt. En wat zijn de gevolgen van de marktwerking voor de wetenschappen die minder interessant zijn voor het bedrijfsleven?Is dit een goede ontwikkeling? Kan het bedrijfsleven een bijdrage leveren aan goed onderwijs? Of is dit het begin van het einde? Wie profiteren er precies van inmenging van het bedrijfsleven in het onderwijs? Onderzoekers, docenten en studenten komen aan het woord. Geef ook je mening!
Bevestigde Sprekers
- André Klukhuhn, dertig jaar lang actief bij Studium generale. In 1993 probeerde hij tevergeefs zijn doctorstitel in te leveren als protest tegen de vercommercialisering van de wetenschap. Directe aanleiding was een eredoctoraat dat door de Universiteit Nyenrode aan Albert Heijn was toegekend.
- Codrin Kruijne, Junior docent bij Utrecht Centre for Education in Management and Entrepeneurship (UCEME). Afgestudeerd Informatiekundige en heeft zich in zijn master bezig gehouden met Kennismanagement voor Business Incubation.
Onderwijs en de Markt
Woensdag 5 maart
| Wat: | Onderwijs en de Markt |
| Datum: | Woensdag 5 maart |
| Aanvang: | 19.30 |
| Locatie: | ZIMIHC Theater, Bouwstraat 55 Utrecht |



1 comment
{27.02.08 om 22:45}
Ik kan geen begrip opbrengen voor het rotsvaste vertrouwen in marktwerking en commercialisering dat sommige mensen hebben. Naar mijn idee heeft marktwerking vooral praktische voordelen. Zoals maximale afzet (en als het goed is winst) bij minimale investeringen.
Maar deze voordelen zijn niet in het belang van de hogere idealen die een universiteit na moet streven, zoals: het bieden van academisch onderwijs, het boeken van vooruitgang op wetenschappelijk gebied en het doen van onderzoek.
Begrijp me niet verkeerd, ik ben niet principieel tegen enige vorm van samenwerking tussen een universiteit en het bedrijfsleven. Ik denk dat bepaalde vormen van samenwerking van bijzonder veel waarde zijn voor een universiteit, haar opleidingen en de studenten.
In sommige gevallen hebben bedrijven meer mogelijkheden om studenten praktijkervaring te bieden dan een universiteit. Bedrijven tonen de actuele waarde aan van een opleiding. Bedrijven kunnen meer (financiële) ruimte bieden aan een universiteit om bepaald onderwijs, zoals onderzoek, te ontwikkelen.
Eigenlijk heb ik maar een eventueel bezwaar tegen samenwerking tussen een universiteit en het bedrijfsleven: geen bedrijf heeft het recht (of kan het recht kopen) om inspraak te hebben of voorwaarden te stellen aan de inhoud van een opleiding.
Commercialisering van universiteiten vind ik sowieso een slechte zaak. Het zal wel niet realistisch zijn om een universiteit volledig te laten draaien op collegegeld en subsidie. Maar van het volgende zie ik bijvoorbeeld de logica niet in: Dat een universiteit haar eigen zalen verhuurt aan het bedrijfsleven en voor haar colleges zalen huurt bij bijvoorbeeld een bioscoop. De opkomst van zaalverhuur is hoger dan de kosten van zaalhuur. Vooralsnog wordt daarbij ‘geaccepteerd’ dat de gehuurde zalen eigenlijk niet geschikt zijn als collegezaal.
En zou je het kunnen verantwoorden als je goede docenten laat lopen omdat ze te duur zi jn?
Ik ben enigszins speculatief in deze reactie, maar dat is om duidelijk te maken dat ik marktwerking in het onderwijs echt heel slecht vind.
Reageer hier